Hollandsche Schouwburg
Hollandsche Schouwburg

Wat zijn de kleine messing plaatjes in de Amsterdamse stoep?

Het zijn Stolpersteine, struikelstenen: betonnen blokjes van tien centimeter breed met een messing plaatje erop, in de stoep gelegd voor het laatste huis van iemand die door de nazi’s is gedeporteerd, vermoord of verdreven. De Duitse kunstenaar Gunter Demnig begon het project in 1992. In 2024 lagen er meer dan 2.500 in Amsterdam.

Een naam aan je voeten

Voor sommige voordeuren in Amsterdam ligt een klein vierkant van messing in de stoep. Het is de bovenkant van een betonnen blokje van tien centimeter breed. Op het messing staan de naam van een mens en de data van zijn geboorte, zijn deportatie en zijn dood, voor zover die bekend zijn. De meeste plaatjes beginnen met de woorden „Hier woonde”.

Elke steen ligt op de laatste plek waar die persoon uit vrije wil woonde, werkte of studeerde, voordat hij werd gedeporteerd of vermoord, vluchtte of tot zelfmoord werd gedreven.

Eén kunstenaar, en toen honderdduizend stenen

De stenen zijn het werk van de Duitse kunstenaar Gunter Demnig, die in 1947 in Berlijn is geboren. Hij begon het project in 1992 en legde de eerste stenen op 4 januari 1995 in Keulen, toen nog zonder toestemming van de autoriteiten. Op 26 mei 2023 werd in Neurenberg de honderdduizendste gelegd. Samen vormen ze het grootste decentrale monument ter wereld, en elke steen wordt nog altijd met de hand gemaakt.

De meeste herdenken Joodse slachtoffers van de Holocaust. Andere zijn gelegd voor Sinti en Roma, voor homoseksuelen, voor Jehova’s getuigen, voor mensen met een handicap en voor leden van het verzet.

In Nederland en in Amsterdam

De eerste stenen in Nederland werden op 29 november 2007 gelegd in Borne: zestien stuks, op zes adressen. Nu liggen er ruim tienduizend in het land.

In Amsterdam werden zo veel stenen aangevraagd dat er een lange wachtlijst ontstond. Sinds 2021 worden er daarom ook in de stad zelf stenen gemaakt, in een werkplaats in de tuin van het Goethe-Institut aan de Herengracht. In november 2024 waren daar al meer dan 3.000 stenen gemaakt. In 2024 lagen er meer dan 2.500 stenen in de Amsterdamse straten.

Waarom „struikelen”

Niemand valt erover: ze liggen gelijk met de bestrating. Demnig haalt graag een scholier aan die zei dat je niet over een Stolperstein valt: „je struikelt met je hoofd en je hart”. De stenen liggen niet op een plek waar iedereen ze wel moet zien. Je komt er bij toeval een tegen, en pas als je er vlakbij bent.

Niet iedereen is het ermee eens. München staat ze niet toe op de openbare weg, nadat de voorzitter van de Joodse gemeente daar ze een onwaardige vorm van herdenken had genoemd.

Waar je moet kijken

Kijk omlaag terwijl je loopt. Er bestaat ook een langere steen, een „struikeldrempel” van 100 bij 10 centimeter, voor een hele groep mensen. Er ligt er een bij de tramhalte Artis/Nationaal Holocaustmuseum, ter herinnering aan de tienduizenden Joden die vanaf die halte zijn gedeporteerd.

Het museum staat tegenover de Hollandsche Schouwburg, in het hart van de oude Jodenbuurt: het theater dat de bezetter vanaf augustus 1942 gebruikte als de plek waar Joden werden verzameld voor deportatie. Vind je een steen, sta dan even stil en lees de naam.

Waar je het kunt zien

0 van 1 gehoord

Loop je door Amsterdam? Lookstory vertelt je het verhaal van alles waar je voor staat. Richt je telefoon erop.

Open LookstoryBekijk hoe het werkt
Bronnen