De Gooyer, Amsterdam

De Gooyer

Molen De Gooyer, Kadijken

De Gooyer is een houten korenmolen aan de Funenkade, naast de Nieuwe Vaart. Hij stond ooit op een bolwerk van de stadswal en werd in 1814 hierheen verplaatst, op de stenen voet van een watermolen. Hij maalt niet meer, en Brouwerij ’t IJ zit ernaast.

Voor je het hoort: raad eens

Waarom werd deze windmolen in 1814 hierheen verplaatst?

In 1814 nam een nieuwe kazerne deze molen de wind af. Dus betaalde de stad de verhuizing hierheen, op de stenen voet van een watermolen die net was afgebroken.

Kijk omhoog naar de houten omloop rond de molen. Dat is de stelling, op 17,8 meter hoogte. Daarvandaan zette de molenaar de zeilen bij en kruide hij de kap op de wind. Een molen in de stad moet hoog zijn om vrije wind te vangen. Stadsherstel, de eigenaar, noemt hem de hoogste houten molen van Nederland, en zijn vlucht, van wiektop tot wiektop, is 26,6 meter.

Lang voor deze molen stond er al een molen De Gooyer buiten de stadsmuren. Die werd in 1572 verwoest, in de Tachtigjarige Oorlog. Voor de naam bestaan drie verklaringen. De man die de molen herbouwde, heette De Gooijer. In 1603 werd de helft verkocht aan twee broers uit het Gooiland. En sommigen zeggen dat hij hoog genoeg was om over het Gooi uit te kijken. Later verhuisde hij naar de Oosterbeer, een bolwerk van de stadswal, waar molens naast de kanonnen stonden. Rond 1725 werd de oude molen vervangen door de achtkante molen die je nu ziet.

In 1814 klopte de eigenaar aan bij de stad. Naast het bolwerk was een nieuwe kazerne verrezen, en die nam de molen de wind af. De stad betaalde de verhuizing hierheen, naar de vierkante bakstenen voet van een watermolen die in 1812 was afgebroken. De voet werd 3,5 meter opgehoogd.

De stad kocht de molen in 1928 voor 3200 gulden. In de Tweede Wereldoorlog, toen er geen stroom was, deed hij dienst als korenmolen. Op 13 november 1972 zette een storm de wieken vanzelf aan het draaien. De molenaar kreeg ze niet meer stil, de bovenas brak en de wieken belandden in de Nieuwe Vaart. Bij Stork, hier vlakbij, werd een nieuwe bovenas gegoten, en in 1976 draaide de molen weer.

“Op 13 november 1972 zette een storm de wieken vanzelf aan het draaien.”

Het gebouw aan zijn voet hoort niet bij de molen. Het was het gemeentelijk badhuis, uit 1911, en sinds 1985 brouwt Brouwerij ’t IJ er bier. De molen doet niets voor de brouwerij, al staat hij wel op de etiketten.

Waar je op kunt letten

  • De stelling

    Over de houten omloop halverwege liep de molenaar rond om de zeilen bij te zetten en de kap op de wind te kruien.

  • Onder steen, boven hout

    Kijk waar de donkere bakstenen voet overgaat in het houten lijf. De voet was er al eerder dan de molen: hij hoorde bij een watermolen.

  • De wieken

    Dit zijn wieken van het oudhollandse type, in 1976 na de storm teruggebracht. Als de molen draait, legt de molenaar vanaf de stelling de zeilen erop.

  • De buurman

    Het bakstenen gebouw aan de voet van de molen was het gemeentelijk badhuis, uit 1911. Ze lijken één gebouw, maar dat zijn ze nooit geweest.

In het kort

Hierheen verplaatst
1814, op de voet van een in 1812 afgebroken watermolen
Soort molen
Achtkante, rietgedekte stellingmolen, gebouwd als korenmolen
Vlucht
26,6 meter
Eigenaar
Stadsherstel Amsterdam, sinds 2018
Monument
Rijksmonument 1107
Adres
Funenkade 5, Amsterdam Route

In Amsterdam? Lookstory vertelt je het verhaal van alles waar je voor staat. Richt je telefoon erop.

Open LookstoryVijf vragen per dag, waar je ook bent
Bronnen

De datums, namen en cijfers op deze pagina zijn gecontroleerd aan de hand van gepubliceerde bronnen. Dit is wat er over deze plek is vastgelegd. Het verhaal is Lookstory’s eigen vertelling daarvan. Laatst bijgewerkt: oktober 2026.